Reisverslag
Portugal 18 januari 2007- 21
januari 2007
Donderdag
18 januari 2007 zal de geschiedenis ingaan als de dag van de ergste storm
sinds 2002, windkracht 10 met zware windstoten van 110 tot 120 km/uur. En
juist op deze dag reizen we naar Portugal, natuurlijk hebben we last
van de windstoten maar de vrijwilliger rijdt stug door, we moeten tenslotte tijdig op
Luchthaven Zaventem, Brussel, aankomen. Het is tenslotte zo dat een
vliegtuig niet wacht op late passagiers. We houden eigenlijk al rekening met
vertraging i.v.m. het weer. Op Zaventem aangekomen kunnen we zowaar bijna
vooraan in de parkeergarage de auto neerzetten. Vier skykennels en onze
persoonlijke bagage op karretjes gezet en naar de overkant. Ja ..
makkelijker gezegd dan gedaan, door de harde storm is het ontzettend
moeilijk om aan de overkant te komen, maar zoals altijd wint de aanhouder!
En we blijven lachen! Na ingecheckt te zijn zoeken we de gate op waar we al
snel het vliegtuig in mogen. We vetrekken zelfs op tijd, bij het stijgen is
het duidelijk te merken dat het stormt. Even “doorbijten” en we zijn er
doorheen. We zijn zelfs eerder in Lissabon, wind in de rug natuurlijk. Onze
koffers hebben we snel, als de skykennels nu ook snel op de band komen dan
zijn we op tijd in Zambujal. We hebben eigenlijk geen idee wie ons
op komt halen. Het duurt een tijdje, nog geen kennels. Ik besluit om toch
maar even te vragen waar ze blijven, bij het weggaan zeg ik nog tegen de
vrijwilliger als geintje “ De boxen zullen wel in Brussel achtergebleven zijn”. En wat
denk je? Ze staan in Brussel! Als we geluk hebben komen ze met een latere
vlucht, zoniet … dan hebben we een heel groot probleem want a.s. zondag
moeten we wel honden meenemen naar Nederland. Onze chauffeur staat
op ons te wachten en met minder bagage als gewoonlijk rijden we naar Zambujal, via een mooi verlicht Lissabon. Ana komt later ook, we moeten immers het gesprek
met de burgemeester van Sesimbra voorbereiden. Tijdens deze bespreking
worden we door de luchtmaatschappij gebeld, de skykennels zijn aangekomen,
wat dat betreft kunnen we dus rustig gaan slapen. Wij worden geacht de
volgende dag om 9.30 uur aanwezig te zijn op het gemeentehuis van Sesimbra.
Vrijdagochtend
zijn wij, Ana, een vrijwilliger, Rosa, Françoise en ik, op tijd. Helaas moeten we
weer een lange tijd wachten. Eenmaal binnen in het kantoor van de
burgemeester schuift nog iemand aan tafel, zonder zich voor te stellen of
ons te begroeten. Even later vernemen wij even dat dit de ingenieur is
die verantwoordelijk is voor de bouw van de kennels. Ana wijst hem erop dat
de dakplaten veel te kort zijn, bij regen plenst het water over de honden.
Deze man raadt Ana aan de betonnen huisjes van de honden met de opening naar
de achtermuur te plaatsen!!! Wat een ideale oplossing, hoe moeten de honden
in de huisjes komen en hoe de huisjes schoon te maken? De burgemeester
tekent de ingenieur voor hoe dit wel op te lossen is. Ook is geen goot
aangelegd om het water af te voeren, dit is noodzakelijk want de hokken
zullen na het schrobben schoongespoeld moeten worden. Er zal een goed
afwateringsysteem moeten komen. Op haar vraag over elektriciteit krijgt Ana
een wedervraag van de ingenieur: “Wil je elektra of een lampje?” Maar goed,
afgesproken wordt dat dezelfde dag deze man naar het terrein zal komen, er
wordt een afspraak gemaakt voor 17.00 uur. Het verdere gespr
ek
gaat over het te bouwen asiel, tenminste het gedeelte wat vereniging Bianca
i.s.m. St. Dierenhulp zonder Grenzen wil gaan bouwen. De burgemeester zegt
dat een protocol gemaakt gaat worden met hierin de juiste kosten van de bouw
en aan de hand hiervan zullen wij dan horen welk percentage de gemeente zal
willen betalen. Dit kan betekenen 50% maar zeker ook minder of zelfs meer.
Maar alles betalen zal niet gebeuren, wij weten nu dat beide organisaties
veel geld op tafel zullen moeten weten te brengen om het asiel, inclusief
kliniek etc., gebouwd te krijgen. Ook zullen de bouwfases in het protocol
vermeld gaan worden. We kunnen echter niet teveel op de zaken vooruit lopen
er zit niks anders op dan afscheid te nemen en te zeggen dat wij over een
paar maanden weer zullen komen. Een kleine teleurstelling is het wel want we
hadden echt gehoopt een meer definitief antwoord te krijgen. Natuurlijk is
de gemeente aan het bouwen, echter wel met hun gedeelte van het asiel. De
kennels die al gebouwd zijn, zijn feitelijk voor de honden die de gemeente
(op)vangt. Men is dan ook niet onverdeeld gelukkig met het feit dat
vereniging Bianca al een paar hokken in gebruik heeft genomen, maar wat het
bezwaar is? De gemeente heeft geen enkele hond die in één van de kennels
geplaatst moet worden. Vereniging Bianca heeft
Story,
Salomé en diverse pups
op het gemeentelijk gedeelte geplaatst. Wat hadden ze dan moeten doen? De
pups in de tuin moeten laten zitten waar ze niet verzorgd worden, op de plek
waar Camarin zich zelf bijna heeft kunnen ophangen? In dit geval was er geen
echte keuze.

Na
afloop van het gesprek gaan we op een terrasje koffie/thee drinken om de
zaak nog eens goed door te spreken. Een paar kleine hondjes lopen steeds
langs en opeens komt één van hen met een stuk vlees o.i.d. aan, maar delen?
Nee niet echt! Een journaliste komt langs, zij interviewt Ana en
ondergetekende voor een plaatselijke krant. Zelfs onze website zal in de
krant komen, ik moet deze, net als mijn naam en die van de stichting, zelf
opschrijven natuurlijk.
Over een paar dagen zal het artikel in de krant geplaatst worden. Wij nemen
afscheid van de anderen, maar niet voor lang want ’s avonds zullen we elkaar
weer zien tijdens het dineetje ter ere van de
verjaardag
van Ana. Wij gaan nu eerst terug naar Zambujal en daarna willen we
naar het terrein.

In
Zambujal willen we gaan lunchen en we rijden per auto door de smalle
straatjes, onderweg zien we zoveel honden die aan een korte ketting liggen,
wat ze bewaken is ons niet helemaal duidelijk. Het is heel triest om dit te
zien, vooral omdat we weten dat we deze honden niet kunnen helpen. En ook
drukt dit alles onze neuzen weer op het feit dat er veel zal moeten
veranderen, maar dat het tevens een heel lange weg zal zijn.

Halverwege de middag komen wij aan op het terrein waar Katia ( vaste kracht
) druk bezig is om de honden uit te laten. We zien bekende honden, niet
alleen van de foto’s maar helaas ook honden die we in oktober jl. hebben
gezien. Daar is de oude Tico ( he
rstellende
van een operatie aan zijn pootje ), Fred,
Kikas ( inmiddels een stuk oor en
staart missend, hij is aangevallen door een andere hond ), de mooie en lieve
Luna die Leishmania heeft, de bange
hond
zit in zijn hok alsof hij daar niet weg is geweest,
Barbas, Spock (gaat
gelukkig naar Nederland ) en zijn broertjes
Kirk en Scotty. Ook zien we
Story en Salomé terug. Het is alsof we oude vrienden zien. Ik hoop dat we
bij ons volgende bezoek minder bekenden zullen terugzien. We maken kennis
met Meiguice, zelden heb ik een lievere hond gezien, Irina loopt los en
begroet ons enthousiast. En wat te zeggen van Camarin? Zij is kleiner dan ik
had verwacht en ook ontzettend lief. Camarin is een sterke persoonlijkheid,
dat moet ook wel gezien wat ze allemaal heeft meegemaakt. Het is eigenlijk
sneu, al haar kinderen zijn geadopteerd en zij verblijft nog op het terrein.


Op
het gedeelte van de gemeente zien we pups, o.a.
Izzy,
Piratinha ( beiden
gaan de volgende dag mee ), Britta,
Sarah en
Blondie. Ook loopt er een
zwarte hond, Boy, erg groot maar zo lief en voorzichtig als hij groot is.
Het is een genot om te zien hoe hij met de pups speelt. In één van de
laatste kennels zitten twee zusjes, Sweet en
Brown, de dag ervoor heeft men
ze bij het kasteel van Sesimbra gevonden en mee kunnen nemen. Er blijken nog
drie zusjes te zijn helaas laten deze zich nog niet pakken. Sweet en Brown
zijn nog angstig, je kunt duidelijk zie dat ze niet weten wat hen overkomt.
In een apart
e
kennel op het terrein van Bianca verblijft Perdi en haar 5 puppies. De pups
zijn nu ongeveer 5 weken en erg leuk, maar moeder Perdi is ook geweldig. Ze
vindt het geen enkel probleem dat er zoveel belangstelling is voor haar
kinderen en dat ze opgepakt worden. Zij ziet er al een stuk beter uit, niet
meer zo mager als toen ze werd gevonden. Hopelijk vinden we zowel voor de
moeder als voor de pups een goede plek. Ach, zoveel honden die een plekje
verdienen, Romeo,
Julia,
Tina en
Brancinho. Ik kan zoveel namen
opnoemen. We blijven hopen voor alle honden. Wij verlaten het terrein even
voor zessen, de heren van de gemeente, 3 man in totaal, zijn dan net
gearriveerd. Ana zal ze rondleiden en alles goed uitleggen, ons heeft ze
daar niet bij nodig. Wij zien elkaar wel tegen 20.00 uur in het
visrestaurant.

In dit restaurant maken wij kennis met Albertina en de man van Dilia, Luis.
Ook zijn de dochters van Ana aanwezig. Het is een gezellige avond. Maar na
een lange drukke dag willen we niet te laat naar bed, temeer daar we nog een
dag hebben. Wij hopen morgen Cuca te kunnen vinden. En … we gaan
Simba een
bezoek brengen.

een vrijwilligermoet zaterdag eerst nog administratief werk doen voor DZG, het gaat
gewoon door. Na de koffie vertrekken we naar Cotovia, hier woont Françoise,
haar buurvrouw heeft Tonia in de opvang. Deze mevrouw wil graag kennis met
ons maken en wij zijn natuurlijk benieuwd naar
Tonia. Wat is ze klein! Als
ze vier kilo’s weegt zal het zwaar zijn. Zij kan makkelijk mee als
handbagage. Ze is een beetje bang, maar dat zal in Nederland geen probleem
zijn want we hebben ook voor haar goede mensen gevonden, met geduld en
liefde.

We nemen afscheid en gaan weer verder, nu naar Dona Fatima, zij heeft ook
honden van Vereniging Bianca in de opvang, Sol,
Xanoca,
Xana en L
aika.
Vooropgesteld dat Fatima het heel goed bedoelt, het is geen verblijf voor
honden. Rechts zitten haar eigen honden in een grote kooi, links andere
honden waaronder de honden die hierboven genoemd zijn. Je ruikt het al voor
je het terrein op komt wandelen. Het is modderig en vochtig.
Goede
slaapplekken zijn er ook niet. De honden komen blaffend op ons af,
natuurlijk. Maar het gaas zit er tussen en ik vraag me af of ze ooit de
andere kant van het gaas zien. Sol is groot maar bang, Als we dit zo zien,
ja wat moet je dan zeggen? Eigenlijk niks, woorden zijn er niet voor.
Intriest, dat is het!
Na
Dona Fatima gaan wij richting Dona Lourdes , zij heeft o.a.
Gina, Arabella
en Simba in de opvang. Naast haar eigen ca. 6 – 7 honden heeft zij ook nog
ongeveer 50 katten! Dona Lourdes is een iets oudere mevrouw die de dieren
samen met haar man verzorgt en ze doen prima werk. De honden zien er goed
uit, je kunt zien dat
er wederzijds genegenheid is. En dan Simba, wat is hij klein! Wij verwachten
een hond ter grootte van een Flatcoated Retriever, nou nee dus.
Hooguit 40 – 45 cm. Een kleine druktemaker die heel graag wil spelen,
ontzettend vrolijk is en hij vindt het erg leuk om aangehaald te worden. Hij
rent op zijn drie pootjes alsof hij nooit anders gewend is geweest.
Wij
gaan verder het natuurgebied van de Lagoa in. Hier hopen wij de straathonden
en Cuca te zien. Wij hebben heel lang
gereden, s
traat
in en uit en steeds weer opnieuw. Niks gevonden, geen Cuca. Wel de plek waar
ze samen met twee reuen ’s nachts slaapt. Het is erg jammer. We zien een
klein, jong egeltje een straat proberen over te steken, we stoppen en (
vooral ) voorzichtig zet ik het diertje op de stoep, maar wat denk je?
Heerlijk eigenwijs, gaat de stoep af en loopt weer terug! Hij/zij verdwijnt
in de bosjes en we hopen dat de egel hier weet te overleven. We rijden nog
een paar rondjes, kijken alledrie goed. maar nog steeds geen Cuca of andere
honden. We besluiten te kijken of Dilia thuis is, helaas geen gehoor.

Maar
wie er wel is, dat is Flap. Tenminste zo hebben wij hem genoemd, hij bewaakt
het huis van zijn eigenaar die er zelf nooit is. Het is dat Dilia hem water
en eten geeft anders krijgt Flap niks. Wij kunnen zien dat Flap blij is met
bezoek, we geven hem heerlijke Nederlandse hondenkoekjes en hij laat zich
aanhalen, hij geniet zichtbaar. Het is dat hij groot is en de muur hoog,
anders had ik hem meegenomen! Het is niet leuk hem achter te laten.
Als
besluit van de dag gaan we naar Cabo Espichel, een landtong
boven de Atlantische Oceaan waar de rotsen stijl in het water lopen. Eeuwen
geleden was dit een pelgrimsoord, de kerk “de Nossa Senhora do Castelo”
wordt nog gebruikt. De bijgebouwen boden vroeger onderdak aan bezoekende
pelgrims. Deze zijn er niet meer, wel lokale mensen die op kraampjes hun
koopwaar uitstallen in de hoop iets te kunnen verkopen. En natuurlijk
honden! Wij kopen voor onszelf iets te drinken en “farturas”, gefrituurd
deeg met suiker, erg lekker maar als wij de honden zien geven we het al gauw
weg. Ze zijn te angstig om heel dichtbij te komen, maar even later zijn er
toch twee die heel voorzichtig de lekkernij uit onze handen durven te
pakken.
Ze
zijn smerig, heel onzeker en hebben bijna allemaal iets met de tanden en/of
kaken. Ook loopt een teefje bij de groep, zij heeft waarschijnlijk ergens
een nest
met puppies. Welke toekomst staat hen te wachten? We bekijken uitzicht, het
is echt mooi. De zon daalt en wij gaan terug naar Zambujal. Ana en Rosa
komen ook ’s avonds om nog wat dingen door te nemen voor de volgende dag. De
wekker loopt om 05.00 uur af, we maken het niet te laat.
Zondag
staat om 06.00 uur onze chauffeuse te wachten, zij brengt ons naar het
terrein waar we de honden op zullen halen die we meenemen
naar
Nederland. Een paar heb ik al genoemd, maar ook Victor ( blind ) en Matilde
gaan mee. In totaal gaan 7 honden met ons mee in het vliegtuig. Alles
verloopt voorspoedig, een vrijwilligervliegt vaak op Lissabon om honden op te halen en
men kent haar al, het scheelt wel. Na afscheid te hebben genomen van onze
Portugese vrienden gaan wij richting vliegtuig.
Aangekomen in Brussel is het nog even wachten op de honden maar dan kunnen
we ze in de auto laden en richting Den Bosch rijden.

Daar wachten de nieuwe baasjes op hun nieuwe huisgenoot.

© 2007 Tekst & foto’s Ria Kuurman
[ga pagina terug]