Stichting Dierenhulp Zonder Grenzen, verhalen
Stichting Dierenhulp Zonder Grenzen

 


Reisverslag Portugal 12 oktober 2006 - 15 oktober 2006

         

Donderdag 12 oktober vertrekt het bestuur van Stichting Dierenhulp zonder Grenzen vanaf Brussel naar Lissabon.  Het vliegtuig zal opstijgen om 16.35 uur en 18.25 uur plaatselijke tijd zullen we aankomen.  Bij het inchecken krijgen we problemen, men wil ons voor de skykennels laten betalen ( € 150.-- ), dit omdat het overgewicht zou zijn. Aangezien we dit niet willen betalen haalt  één van ons haar koffer leeg  en die spullen gaan  in een  boodschappentas  , dit zal meegaan als handbagage.  Maar ook bij het instappen gaat het weer mis, terug met een tas en € 25.-- bijbetalen. Maar goed, eindelijk kan de reis beginnen. We hebben het maar net gehaald! De vliegreis verloopt voorspoedig, op het vliegveld van Lissabon hebben we onze koffers, vol met spullen voor de honden, gauw te pakken. Maar waar zijn onze kennels?  Wachten bij de band voor afwijkende bagage lijkt even later geen enkel nut te hebben, de band staat stil en het lijkt er niet op dat er gauw beweging in zal komen.  Twee keer komt een mecanicien kijken, geeft een klap op een rode knop en gaat onverrichter zake weer door een deur waarop staat “Authorized personel only”.  Er zit niets anders op dan te wachten, ondertussen bellen we Susan Hawkins op, zij staat ons immers samen met Ana Duarte op te wachten. Ze zijn al bang dat wij ons vliegtuig hebben gemist. Aangezien wij inmiddels niet de enigen zijn die op bagage zitten te wachten wordt het drukker, wij horen dat iemand naar de “Lost and found” wordt gestuurd, wij er achteraan. Deze dame stuurt ons weer terug, even later komt ze zelf maar eens polshoogte nemen en nu komt er schot in de zaak. Men besluit de afwijkende bagage maar handmatig door de deuren te brengen, dat niemand eerder op het idee gekomen is! Na nog even gewacht te hebben, ja hoor de eerste kennels en een paar minuten later de anderen. Het is ondertussen wel meer dan een uur later.  Snel door de douane, ja alles gaat goed, en we kunnen kennismaken met Ana en Susan. Wij worden opgehaald door een oudere mijnheer ( 76 jaar ) zijn naam is Senhor Santos Dias, een coureur in hart en nieren. Zelfs rode lichten gelden voor hem niet, zo zullen wij gauw genoeg merken. Wij zullen logeren bij Susan en haar man Deo in het plaatsje Zambujal. Aangekomen moeten we eerst kennismaken met de eigen honden, een heerlijk stel! De spullen voor de honden worden uitgepakt en na gegeten te hebben en het programma  voor de volgende dag doorgenomen te hebben gaan we slapen. 

De volgende ochtend moeten we om 8.45 uur in Sesimbra zijn voor een gesprek met de burgemeester, 7 vrouwen zijn van de partij, naast het bestuur van DZG, Ana en Susan, zijn ook Rosa en  Francoise aanwezig.  Wij zijn op tijd, de burgemeester laat ons nog even wachten.  De bespreking gaat in het Portugees, Susan vertaalt tussendoor in het Nederlands.  Ana begint met een inleiding en daarna neemt Susan het woord, zij vertelt o.a. hoe de situatie momenteel is m.b.t. het aantal dakloze dieren in het district Sesimbra. 
(Een verslag van het gesprek kunt u hier lezen). 

De burgemeester haalt tot ons aller verbazing bouwtekeningen boven tafel, het ziet er goed uit. Maar uit alles blijkt dat een groot deel van de bouw gefinancierd zal moeten worden door anderen dan de gemeente Sesimbra, wij dus. Natuurlijk scheelt het dat de tekeningen reeds klaar zijn en de vergunningen waarschijnlijk verleend gaan worden. Maar … niks staat nog zwart op wit en er wordt gesproken over een optie tot uitbreiding maar wij willen een garantie.  Nu is er sprake van het bouwen van 30 kennels, dit is een start maar bij  lange na niet genoeg. 

 

Het lijkt wel gunstig en na afloop van het gesprek drinken we op een terrasje een lekker frisdrankje, het is tenslotte ook erg mooi weer.  Na van het uitzicht op zee genoten te hebben moeten we alweer gaan want we hebben nog een gesprek met raadslid Felix Rafaz, hij geeft echt om de dieren.  We worden in zijn kantoor ontvangen, nou ja kantoor! We moeten wringen om erin te kunnen, maar waar een wil is ….  Hij is natuurlijk ook benieuwd hoe het gesprek met de burgemeester is verlopen en is net als wij zeer verbaasd over de bouwtekeningen. Waarschijnlijk heeft het erg veel geholpen dat wij als buitenlandse dierenbeschermingsorganisatie willen helpen. Wij nemen afscheid van Felix, maar niet voor lang, we zien elkaar weer voor de lunch welke ons aangeboden wordt door de gemeente.  Maar we gaan eerst op bezoek bij Story en Salomé.

Beide honden verblijven onder het huisje van Ana in het centrum van het dorp. Rosa gaat dagelijks met ze wandelen wanneer Ana naar Lissabon is voor haar werk.  Salomé is na haar ongeluk goed genezen, maar heeft fysiotherapie nodig en Story is gelukkig al minder angstig. We hopen voor deze twee honden snel een plek te kunnen vinden in Nederland. De situatie is verre van ideaal, al doet men nog zo haar best.
 

 

 Met de belofte alles te zullen doen om hen te helpen gaan we richting auto om naar de plek te gaan waar we met z’n allen zullen gaan lunchen. Dit doen we in een leuk Portugees restaurantje waar we  worden getrakteerd op een echte Portugese visschotel, Caldeirada. Ook onze chauffeur van de vorige avond is aanwezig. Het is gezellig en natuurlijk wordt er veel over honden gepraat.  Hoe kan het ook anders? Daar zijn we tenslotte voor gekomen.  We lunchen en praten vrij lang maar we moeten verder, er staan nog een paar dingen op ons programma voor deze dag. Eerst naar het terrein waar al honden ondergebracht zijn en daarna naar het “hondenhotel”.

 

Het terrein waar Ana al honden heeft onder kunnen brengen ligt, zoals vaak in het buitenland, achter de vuilnisstortplaats. We zien hier honden die we kennen van een foto, de lieve Sasa, de zichzelf proberen te verkopen Bé, de oude Tico en drie broertjes die als pups al getraumatiseerd zijn. Alle honden zijn speciaal. Ze zitten allemaal aan een ketting en kunnen niet bij elkaar komen. Het enige wat ze hebben is een hok, maar dat is ook alles. Je moet er niet aan denken wanneer het winter wordt en die kan hier ook streng en zeer koud en nat zijn. 

   

Susan laat zien waar de gemeente al een paar rijen stenen heeft gemetseld en waar het asiel kan gaan komen. Het terrein lijkt niet erg groot maar ook hier is uitbreiding mogelijk. Uit alles blijkt dat hulp hard nodig is en ook heel snel.  De honden worden hier natuurlijk dagelijks bezocht, ze krijgen te eten en te drinken en ze gaan elke dag wandelen. Sommige gaan zelfs mee zonder lijn, ze komen altijd weer terug in de wetenschap dat hier goed voor ze gezorgd wordt.   We vragen ons af hoe het over een jaar zal zijn. Zal hier dan toch een opvangplek kunnen komen voor honden en katten?  Als we het geld bijeen kunnen krijgen zijn we al een stuk op weg,  maar ook materiaal en mensen die ons willen helpen met de opbouw van dit centrum zullen hard nodig zijn.  Met die hoop verlaten we het terrein om op weg te gaan naar het “hondenhotel” in Quinta do Condo.


Daar heeft Ana uit pure noodzaak honden naar toe moeten brengen, voor veel geld krijgen de honden daar een minieme verzorging. Bij binnenkomst is het eerste wat opvalt dat het een rommel is. Honden lopen los, teven met pups zitten in kooien. Dit is duidelijk een broodfokker, want het gaat om rashonden. We zien Chihuahua´s, Engelse Bulldogs, Maltheser Leeuwtjes, Mopshondjes en een Sint Bernardpup komt ook kijken. En dit is nog maar het begin, we hebben pas een paar stappen op het terrein gezet.  

Poezen zitten overal en in de verte zien we een paard, eenden, kippen en ganzen.  Een oude, zielige en zieke zwarte kat wordt gepest door pups.  De kat zal niet lang meer leven, maar laten  inslapen doet men niet! Het is triest om te zien. Wanneer we verder lopen zien we links kennels met, hoe kan het ook anders, rashonden met wel meer dan 15 bij elkaar, Deense Doggen, Bassethounds, nog meer Maltheser Leeuwtjes, Yorkshire Terriers. Ook raskatten zitten in kennels. Wat een ellende!



In een kennel zit ook Oscar, de kruising Podenco die dorpsbewoners wilden doden omdat hij er “eng” uit zou zien. Hij had een huidziekte en werd daardoor kaal, wij zijn zeer verbaasd wanneer wij Oscar zien, wat ziet hij er goed uit! En lief!
Maar hoe verdrietig dat hij hier moet zijn,  hij vraagt aandacht en dat zal hij hier niet krijgen. 

 


We gaan nog verder naar achteren, nu komen wij in het eigenlijke “hondenhotel”. Op het ( kunst)gras ligt een grote hond, het blijkt dat dit arme dier verlamd is en zijn baas wil hem niet in laten slapen. Over zijn hele lijf zitten vliegen, waarom moet een dier zo lijden?  Er is namelijk niks meer te doen aan zijn verlamming. In een U-vorm om het grasveld zijn  kennels gebouwd, alles zit vol. Ook teven met pups zitten in de kennels, die niet al te schoon zijn.  We zien honden met een kennel-syndroom, één hond knalt echt elke keer tegen de muren op, wie weet hoe lang hij hier al is.  Een Mastino Napolitano die zulke slechte ogen heeft dat hij weinig meer kan zien, de meeste honden staan tegen de tralies op om toch maar een aai te krijgen, dat kleine beetje aandacht wat ze zo graag willen hebben en verdienen. Maar ook veel bange honden. We zien de  honden die Ana hier heeft ondergebracht, Nina, Mikas, Kyra en haar broertje Kiko. Kyra gaat zondag mee naar Nederland, evenals Max en Irma die ook in het hotel zijn. Anderen moeten helaas wachten maar voor hoelang?  We zien Billy die na zijn ongeluk en de operatie daar moet zien te herstellen van een beenbreuk. Hij houdt zijn pootje veel te hoog en zal ook naar Nederland moeten om therapie te krijgen, anders zal zijn pootje nooit meer normaal te gebruiken zijn.

 

Één vrouw heeft de zorg voor al deze dieren, voor een paar honderd euro per maand moet ze alles doen.  Veel zorg krijgen de honden niet. Het is al bijna donker als we weggaan, weer terug naar Zambujal. We hebben afgesproken vanavond uit eten te gaan om de dag door te spreken, vooral het gesprek met de burgemeester. We hebben overdag zo’n druk programma gehad dat we aan doorpraten niet toe zijn gekomen.  Moe van alle indrukken en het praten rollen we ’s avonds laat ons bed in. Wat zal de dag ons morgen brengen?

 

De volgende dag gaan we naar de Lagao, een mooi natuurgebied waar veel honden gedumpt worden. Een reden waarom in de Lagoa zoveel dieren gevonden worden is het beleid van de gemeente Sesimbra. De gemeente  heeft kennels, de honden kunnen er maximaal 7-8 dagen blijven en dan worden ze gedood.  Het is een verklaring waarom mensen die van hun huisdieren af willen ze niet naar de gemeentelijke kennels brengen.  Men heeft geen idee hoeveel honden in het uitgestrekte gebied lopen, veel zullen het zeker zijn, zelfs honden die al half verwilderd zijn  Weer een reden waarom wij i.s.m. Ana een opvangcentrum willen bouwen, het zal makkelijker moeten worden voor mensen om hun dieren te brengen.  We zien geen honden, wel Potugezen die de hele dag in de Lagoa door gaan brengen, hun afval laten liggen en daar komen ’s nachts de honden op af. Wij rijden naar een klein marktje, daar lopen ook honden los. Aan het begin van de weg stappen wij uit om een magere hond te benaderen, dit lukt.  Helaas kunnen we hem niet meenemen, maar Susan belooft dat men het dier in de gaten zal houden, een vrijwilligster van de vereniging werkt op de markt. We lopen nog even de markt over, dan weer naar de volgende halte.

Ditmaal gaan we o.a. Duska bezoeken, zij is bij een vrijwilligster in huis. Tenminste, Duska laat zichzelf vaak uit. Hoe? Ze springt “gewoon” over een hoge muur heen.  Ze is bijna genezen van de sterilisatie, dit houdt in dat als wij niet gauw een plekje voor haar vinden ze weer de straat op moet.  Dit is erg jammer, Duska is een echte knuffelhond.  Aan de overkant van het huis is een klein terrein waar nog een paar honden verblijven, o.a. Safira ( ook net gesteriliseerd ), Mylou en Dilli. De laatste gaat de volgende dag mee naar Nederland, zij heeft een baasje gevonden.  In het huis is nog een Cocker Spaniel met pups, Duska speelt voor surrogaatmoeder,  zo blijkt als wij gaan kijken.  We hebben nog meer te doen en vertrekken weer richting Zambujal. Onderweg zien we nog een hond die aan een ketting ligt, dit voor zijn eigen veiligheid, hij wordt verzorgd door één van de vrijwilligsters.

Ook bezoeken we een groep honden die op straat leven, o.a. de ouders van Duska en haar broertje. De aannemer wil de grond verkopen en Ana moet elke keer weer vragen om de honden daar te mogen laten. Waar moeten ze heen? Het hotel is te duur en verder is er nergens plek. De honden zijn sociaal en eten graag de lekkere dingetjes die wij hebben meegenomen.

 

Elke 3e zaterdag van de maand houdt Ana een “feira” Feiras zijn parasols die zij neerzetten langs de weg, zij geven informatie en hopen op donaties, dit kan zijn in de vorm van geld en/of goederen.  Verwaarloosde, dakloze of zelfs gewonde honden en/of katten worden naar de “feiras” gebracht, af en toe wordt zelfs een dier bemiddeld.   Om aan te geven waarom men daar staat wordt een bord geplaatst langs de weg, helaas zijn de automobilisten het niet altijd eens met dit initiatief, een bord is wel eens van de weg gereden. Ook sturen omwonenden vaak de politie naar deze “feiras” , ondanks het feit dat ze een gemeentelijke toestemming hebben.  Wij bezoeken ’s middags de feira. De honden die ditmaal zijn meegekomen zijn o.a. Turbo, Bé, Barbas en Fernandinho. Later op de middag komen nog Matilde, Lady en Miminho.  Ook zijn er poezen, zelfs een heel kleintje. Vier poezen zijn al iets ouder, worden zij vandaag niet geplaatst dan zullen ze de volgende dag weer op straat uitgezet worden. Het is erg hard, maar men heeft geen plek voor katten. Wel zijn ze gesteriliseerd, dat is tenminste iets. Wij maken kennis met weer andere vrijwilligsters. Het is al het begin van de avond wanneer we weer richting Zambujal rijden, Ana zal Max en Mimi ophalen uit het hotel en naar Susan brengen, deze twee overnachten bij een vrijwilliger en Frances op de kamer. Simao, Dilli, Irma en Kyra blijven bij Ana. Na het eten gaan we vrij gauw naar bed, de wekker loopt de volgende ochtend
tegen 05.00 uur af. Senhor Santos Dias zal ons tegen zessen op komen halen met het busje. De skykennels hebben we al in elkaar gezet, dat scheelt weer de volgende ochtend.

Tegen 07.00 uur vertrekken we richting Lissabon, het is nog donker en niet erg druk op de weg. Naarmate het lichter wordt en we Lissabon naderen ( het is ca. 38 km ) wordt het drukker en net als de avond dat we aankwamen rijdt onze chauffeur weer alsof hij alleen op de weg is, maar dat doen de meeste Portugezen. En hard!  Op het vliegveld aangekomen zetten we de kennels en onze ( weinige ) bagage op karretjes en gaan direct door om in te checken, het vliegtuig zal plaatselijke tijd 09.50 uur vertrekken.  Omdat we twee kleine honden in een kennel hebben moeten we wachten op toestemming van de piloot, hij geeft deze gelukkig. Na het inchecken moeten we naar de ruimte waar de kennels door het röntgenapparaat gaan. De honden gaan  eruit en wij moeten weer ergens anders heen om op de kennels te wachten. 

En dat duurt erg lang, reden hiervoor schijnt te zijn dat het deze dag uitermate druk is op het vliegveld. Eindelijk kunnen  de honden weer terug in de kennel en wij nemen afscheid van hen tot we weer in Brussel zijn, behalve van Mimi en Irma, zij gaan mee als handbagage.  Wij nemen wel afscheid van Ana en Susan.  Wanneer we bij de douane zijn gaat de beambte een stuk achteruit met de woorden “I don’t like dogs”, waarop ik als antwoord geef: “Well, I don’t like you”.  Niet dat ik onbeleefd wil zijn, maar de afschuw van sommige mensen voor dieren valt wel eens verkeerd als je de afgelopen dagen zoveel ellende hebt gezien die dieren aangedaan wordt door mensen. Ook in het vliegtuig krijgen we hier mee te maken, “dat je een hond meeneemt” etc. En zoals een vrijwilliger dan altijd zegt ”We betalen voor het vervoer”.  De beide hondjes liggen tijdens de hele reis heerlijk te slapen en geven geen kik. Dat kun je van kinderen en volwassenen niet vaak zeggen, toch?

In Brussel hebben wij ook de koffers weer gauw te pakken, maar weer is het wachten op de skykennels,  ditmaal met de honden. Eindelijk daar zijn ze, en alles is goed gegaan.  Gauw naar de parkeergarage om de honden in te laden en dan is het richting nieuw thuis of opvangadres voor de honden.

Het zijn indrukwekkende dagen geweest, wij hebben een beetje kunnen meemaken wat Ana, Susan en de anderen elke dag mee moeten maken. Dan besef je des te meer dat wij aan de “goede kant” staan. Zij hebben alle ellende en vaak de onmacht waar wij geen weet van kunnen hebben. Hulde aan deze vrouwen!! Wij van onze kant zullen ons uiterste best doen voor de honden een goed thuis te vinden en proberen zo snel als mogelijk een asiel daar te gaan bouwen, een plek die veilig is voor honden en katten. Het zal een harde strijd worden, maar wij gaan ervoor. U ook?

 

© 2006 Tekst en foto’s Ria Kuurman